woensdag 7 mei 2014

Niet de prediking is de eigenlijke plaats van het religieuze, maar het woordenloze in beelden beleven in de diepe lagen van de menselijke psyche, de droom, vormt het uitgangspunt voor inzicht in religieuze overlevering.
E. Drewermann,Dieptepsychologie en exegese, p. 56
Geciteerd in: Tjeu van den Berk, Het mysterie van de hersenstam, p. 22

Hoe hoog wij ook komen, wij mogen de dierlijke basis van de natuur nooit uit het oog verliezen, nooit uit ons bewustzijn verdringen. Doen wij dat toch, dan zal de zin van alles ons ontgaan. Wij worden onnozel, vaag, schijnheilig, arrogant. Het hoge bouwwerk dat wij zijn geworden, verandert in een toren van Babel, die kantelt en die zijn bouwheer in zijn val meesleept.
Berenson
Geciteerd in: Tjeu van den Berk, Het mysterie van de hersenstam, p. 31

Er zijn dingen, waarnaar alleen het verstand kan zoeken, maar die het, steunend op eigen kracht, nooit zal vinden. Die dingen zou alleen het instinct kunnen vinden, maar het zal ze nooit zoeken.
H. Bergson, De scheppende evolutie, p. 208
Geciteerd in: Tjeu van den Berk, Het mysterie van de hersenstam, p. 31


Wie niet slim genoeg is om zijn vijanden kwaad te doen kan hun gemakkelijk vergiffenis schenken – net als het iemand met een monsterlijke neus geen moeite kost de vrouwen met rust te laten.
Heinrich Heine

woensdag 30 april 2014

Ontneem de nacht het uur niet, dat gij overdag hebt doen verloren gaan: het is de dag die de schuld van de dag betalen moet.
Pythagoras

Niemand deelt zijn geld uit aan anderen; iedereen deelt zijn tijd en zijn leven uit.
Michel Eyquem de Montaigne

Als men er veel in te stoppen heeft, heeft een dag honderd zakken.
Friedrich Nietzsche

Tijd: dat wat de mens altijd tracht te doden, maar wat hem uiteindelijk doodt.
Anoniem

Niet de prediking is de eigenlijke plaats van het religieuze, maar het woordenloze in beelden beleven in de diepe lagen van de menselijke psyche, de droom, vormt het uitgangspunt voor inzicht in religieuze overlevering.
Eugen Drewermann, Dieptepsychologie en exegese, p.56
Geciteerd in: Tjeu van den Berk, Het mysterie van de hersenstam, p. 22


Geestigheden en schuldeisers meten hun komst niet te lang van te voren aankondigen.
Heinrich Heine

woensdag 23 april 2014


De eerste zin verwoest de droom van wat het boek had kunnen zijn.
Jannah Loontjens
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 65

 

Het menselijk leven heeft niet meer betekenis dan dat van een slijmzwam.
John Gray
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 73

 

De mens is een dier dat zichzelf als soort heel belangrijk vindt.
Barbara Stok
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 16

 

Wat verbindt namelijk het tijdelijke met de eeuwigheid, wat anders dan liefde? Om die reden gaat ze aan alles vooraf en blijft ze wanneer alles voorbij is.
Søren Aabye Kierkegaard
IN: Filosofie Magazine, 2013-5,p. 31

 

Als het aan Greenpeace had gelegen was metaalbewerking verboden omdat je er behalve een ploeg of een wiel ook een wapen mee kunt maken.
Gijsbert Werner
De Groene, 8 augustus 2013, p. 63

 

De waarheid heeft duizend gezichten.

maandag 14 april 2014


Een mysterie is niet een waarheid die ons te boven gaat, maar een waarheid die ons omvat…Het is verleidelijk het mysterie in een probleem te doen overgaan.
Gabriel Marcel
Motto van Tjeu van den Berk, Het mysterie van de hersenstam

 

De mens is tot zo veel in staat als hij weet.
Francis Bacon
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 6

 

Waarom zou je een rund stelen, als je een ei hebt gestolen?
Ruwen Ogien
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p.42

 

Iedereen verwijst naar de onveranderlijke essentie van het huwelijk, terwijl niemand weet waar die uit bestaat.
Ruwen Ogien
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p.43

 

Alleen die gedachten zijn waar die zichzelf niet begrijpen.
Theodor W. Adorno
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 55

 

Poldermodel: als je onder de waterspiegel woont, moet de boel goed weggepompt worden.
René Gude
IN: Filosofie Magazine, 2013-6, p. 60

vrijdag 4 april 2014


De zielzorger Eckehart vecht levenslang en bijna in elke preek tegen het zichzelf veilig stellen: grijp niet zo gulzig naar God! Al het achternajagen van genademiddelen, sacramenten, missen, bedevaarten, goede werken helpt u niets, zo gij niet gelaten uit uw benauwd, angstig en begerig ik treedt, niet verzaakt aan het materiële, van de wereld geen afstand doet, en dan God binnenlaat in de ruimte die gij voor Hem hebt vrijgemaakt. De hedendaagse mens glimlacht over de metafysische behoefte van de middeleeuwer om zich veilig te stellen. Evenwel ziet hij daarbij over het hoofd, dat de ‘neurotische behoefte aan zekerheid’ van de moderne mens minstens even gevaarlijk en riskant is als de zekerheidsneurose in Eckeharts tijd. Hedendaagse sociologen hebben erop gewezen, dat juist daardoor de massa’s, de volkeren, de politici, de bedrijfsleiders, de kerkelijke instanties de ergste bedreiging voor de wereldvrede en innerlijke vrede vormen. De intermenselijke betrekkingen zijn nog moeilijker geworden sinds het verlangen naar totale zekerheid van de hemel naar de aarde verlegd is.’
Friedrich Heer
IN: Jacques Benoit, Meester Eckehart. Inleiding en bloemlezing, p. 34/5

 

Bij een vrouw weet je nooit waar de engel ophoudt en de duivelin begint.
Heinrich Heine

vrijdag 28 maart 2014


Het begin van wijsbegeerte is verwondering
Plato (ca 427 – 347 v. Chr.)
Filosofie Magazine, 2013-5, p. 6
 
Religie en wetenschap worden vaak vergeleken en tegen elkaar afgezet, alsof het twee gelijke krachten in de samenleving zijn. Niets is minder waar. Geloof in het bovennatuurlijke is een universeel verschijnsel bij de mens. Het kost geen enkele moeite om kinderen religieus op te voeden. Kinderen wetenschap bijbrengen neemt wel lange tijd in beslag. Wetenschap is een veel beperkter verschijnsel, dat pas een paar duizend jaar geleden is ontstaan. Als je een groep kinderen achterlaat op een onbewoond eiland, kun je er donder op zeggen dat er taal ontstaat, dat zich relaties van dominantie ontwikkelen en dat zich een cultuur vormt met elementen van politiek, spel en geloof in het bovennatuurlijke. Maar dat op dat eiland ook wetenschap zal ontstaan, lijkt me onwaarschijnlijk.
Frans de Waal
IN: Filosofie Magazine, 2013-5,p. 16
 
Zoek de kleine dingen die aan het leven vreugde en voldoening gevan.
Confucius
IN: Filosofie Magazine, 2013-5,p.17
 
Filosofie is de tijd in gedachten vervat.
Georg Wilhelm Friedrich Hegel
IN: Filosofie Magazine, 2013-5,p.55

vrijdag 21 maart 2014



Nog eenmaal voor ik verder trek
en uitzie voor mij uit
hef ik vereenzaamd mijn handen
naar U omhoog naar wie ik vlucht,
aan wie ik in de diepste diepten van mijn hart
plechtige altaren heb gewijd,
opdat te allen tijde mij
uw stem weer roepen zou.

Daarop gloeit diep ingegrift het woord:
Voor de onbekende God.
Hem hoor ik toe,
al bleef ik tot op dit uur
samenzweren met het kwaad.
Hem hoor ik toe, en ik voel de strikken
die me in de strijd omlaag trekken
en ook al vlucht ik,
me toch dwingen tot zijn dienst.

U wil ik kennen, Onbekende,
Gij die mij grijpt diep in mijn ziel,
Gij die mijn leven als een storm doorzwerft,
Gij Onbegrijpelijke, mij verwant!
Ik wil U kennen, zelfs U dienen.
Friedrich Nietzsche
Vindplaats: Speling. Tijdschrift voor bezinning, 2013-1
met als voetnoot:
“Vertaald uit: Chr. Einiger (red.), Die schönsten Gebete der Welt, München 1964, 245; geciteerd in: En toch bidden. Doeboekje, samengesteld door collectief Speling van Titus Brandsma Instituut, Hilversum 1974, 22